

Als vrouw word je geboren met ongeveer één tot twee miljoen eicellen. Tijdens de ontwikkeling in de baarmoeder bevatten de eierstokken van een vrouwelijke foetus nog ongeveer zeven miljoen eicellen. Je eicelvoorraad is eindig en neemt gedurende je leven verder af. Bij de puberteit zijn er nog ongeveer 300.000 tot 400.000 eicellen over en rond je 30e ongeveer 100.000 tot 150.000.
Je eicelvoorraad, ook wel ovariële reserve genoemd, is het aantal eicellen dat je nog in je eierstokken hebt. Naarmate je ouder wordt, neemt deze voorraad af en verandert ook de kwaliteit van je eicellen. Hierdoor wordt de kans om zwanger te worden na verloop van tijd kleiner.

Naarmate je ouder wordt, nemen zowel het aantal als de kwaliteit van je eicellen af. Dit heeft invloed op je vruchtbaarheid en maakt de kans op een zwangerschap kleiner. Dat betekent niet dat je op latere leeftijd niet meer zonder vruchtbaarheidsbehandeling zwanger kunt worden. Het kan alleen wat langer duren. Als de vrouw jonger is dan 40 jaar, worden ongeveer 8 op de 10 stellen binnen 12 maanden zwanger zonder vruchtbaarheidsbehandeling, zolang ze regelmatig seks hebben zonder anticonceptie tijdens de vruchtbare dagen (NHS).
Als vrouw word je geboren met alle eicellen die je ooit zult hebben. Toch begint je eicelvoorraad al vóór je geboorte af te nemen. Rond de 20e week van de zwangerschap is het aantal eicellen op zijn hoogst. De eierstokken van een vrouwelijke foetus bevatten dan ongeveer zeven miljoen eicellen. Bij de geboorte zijn daar nog zo’n één tot twee miljoen van over.
Als vrouw word je geboren met ongeveer één tot twee miljoen eicellen. Je hebt dus een beperkte eicelvoorraad, die gedurende je leven steeds kleiner wordt. Dat komt doordat er bij de eisprong rijpe eicellen vrijkomen, terwijl onrijpe eicellen geleidelijk worden afgebroken en door je lichaam worden opgenomen.
Elk vrouwelijk lichaam is anders, maar die aanvankelijke voorraad eicellen is meestal uitgeput rond het 52e levensjaar. Dat is de gemiddelde leeftijd waarop de menopauze begint.
Meestal rijpt er bij een vrouw elke maand één eicel. Met "produceren" bedoelen we hier dat er tijdens iedere menstruatiecyclus één eicel rijpt en bij de eisprong vrijkomt.
Onrijpe eicellen rijpen in kleine, met vocht gevulde blaasjes die follikels worden genoemd. In elke follikel ontwikkelt zich één eicel. Tijdens de menstruatiecyclus worden follikels gestimuleerd om te groeien. Het duurt ongeveer 90 dagen voordat een follikel zover is ontwikkeld dat er een rijpe eicel kan vrijkomen. Je lichaam stimuleert meerdere follikels tegelijk. Zo wordt de kans zo groot mogelijk dat de best ontwikkelde eicel uiteindelijk vrijkomt tijdens de eisprong.
Onderzoek wijst erop dat elke dag 30 tot 40 follikels worden gestimuleerd en de eicelvoorraad verlaten. Op elk willekeurig moment zijn er tussen de 500 en 1.000 eicellen in ontwikkeling.
Tijdens de eisprong komt er meestal één rijpe eicel vrij. Dat betekent dat er per menstruatiecyclus doorgaans maar één eicel is die door een zaadcel bevrucht kan worden. Als de eicel niet wordt bevrucht, wordt deze afgebroken en verlaat ze uiteindelijk je lichaam tijdens de menstruatie.
Follikels die niet dominant worden en dus geen rijpe eicel vrijgeven, sterven af. Samen met de onrijpe eicellen worden ze afgebroken en door je lichaam opgenomen. Dit gebeurt elke maand met ongeveer 1.000 follikels.
Vruchtbaarheidsspecialisten kunnen met een AMH-test (bepaling van het anti-Mülleriaans hormoon) of een transvaginale echo een schatting maken van hoeveel eicellen er nog in je eicelvoorraad aanwezig zijn.
Het is belangrijk om te weten dat beide tests alleen een schatting geven van het aantal eicellen dat nog in de reserve aanwezig is en geen rekening houden met de kwaliteit van die eicellen. In dit geval verwijst eicelkwaliteit naar de kans dat een eicel kan leiden tot een gezond embryo.
Ja, de kwaliteit van je eicellen neemt af naarmate je ouder wordt. Uit onderzoek blijkt dat de kans op een embryo met een genetische afwijking stijgt met de leeftijd. Dit komt doordat de kwaliteit van je eicellen geleidelijk achteruitgaat. Op je 30e is de kans op een embryo met een genetische afwijking ongeveer 24%. Rond je 45e is die kans gestegen tot 84% (Franasiak et al.).
Er is weinig wetenschappelijk bewijs dat je de kwaliteit van je eicellen kunt verbeteren met medicijnen of veranderingen in je leefstijl. Leeftijd speelt namelijk de grootste rol bij de kwaliteit van je eicellen. Vrouwen tussen de 20 en 30 jaar hebben over het algemeen een aanzienlijk groter percentage gezonde eicellen zonder genetische afwijkingen dan vrouwen tussen de 30 en 40 jaar.
Dat gezegd hebbende, suggereren sommige vroege studies dat er manieren kunnen zijn om de kwaliteit van eicellen te verbeteren:
Het is belangrijk om te weten dat er op dit moment onvoldoende wetenschappelijk bewijs is om omega-3-vetzuren of CoQ10 definitief in verband te brengen met een verbeterde eicelkwaliteit. Meer onderzoek is nodig om een oorzakelijk verband vast te stellen.
Hoewel er geen bewezen manieren zijn om de kwaliteit van eicellen te verbeteren, kun je je algehele gezondheid en de kans op een succesvolle bevruchting op de volgende manieren verbeteren:
Nee, er is geen direct verband tussen de hoeveelheid en de kwaliteit van eicellen, en ze kunnen in een verschillend tempo afnemen. Beide nemen echter af met de leeftijd.
In de meeste gevallen zijn er geen symptomen of tekenen van een laag aantal eicellen. Meestal is het enige teken van een laag aantal eicellen moeite om zwanger te worden. In sommige gevallen kan een laag aantal eicellen leiden tot:
Deze symptomen kunnen ook voorkomen bij andere vruchtbaarheidsproblemen. Ze betekenen dus niet automatisch dat je nog maar weinig eicellen hebt. De enige manier om een redelijk betrouwbare inschatting van je eicelvoorraad te krijgen, is met een vaginale echo of een AMH-test.
Ja, ook met een lage eicelvoorraad kun je zwanger worden. Dat lukt veel vrouwen ook. Er is namelijk maar één gezonde, rijpe eicel nodig voor een bevruchting. Zolang je lichaam nog eicellen kan laten rijpen, is een zwangerschap dus mogelijk. Wel is de kans om zwanger te worden kleiner als je nog maar weinig eicellen hebt.
Met vruchtbaarheidsbehandelingen zoals IVF (in-vitrofertilisatie) kun je je kans op een zwangerschap aanzienlijk vergroten. Veel vrouwen met een lage eicelvoorraad overwegen ook om donoreicellen te gebruiken of gezonde eicellen in te vriezen voor later. European Sperm Bank helpt je graag op weg met duidelijke informatie over donoreicellen en de verschillende mogelijkheden voor begeleiding en ondersteuning. We kunnen je helpen een eiceldonor te vinden.
Gezonde menselijke eicellen zijn rond en ongeveer zo groot als een zandkorrel. Ze hebben een diameter van ongeveer 100 micrometer (µm) en zijn daarmee de grootste cellen in het menselijk lichaam.
Ondanks hun grootte heb je meestal een microscoop nodig om eicellen goed te kunnen zien. Onder de microscoop zien ze er lichtgeel of gebroken wit uit, met een duidelijk zichtbare celkern. Daaromheen zit het cytoplasma, een doorzichtige vloeistof die de eicel voorziet van veel van de voedingsstoffen die ze nodig heeft.
Ongezonde eicellen kunnen een onregelmatige vorm hebben, donkerder lijken dan gezonde eicellen of een korrelig cytoplasma hebben.

Rijpe eicellen die niet worden bevrucht, worden afgebroken en verlaten je lichaam tijdens de menstruatie. Onrijpe eicellen die zich wel hebben ontwikkeld, maar niet zijn uitgegroeid tot de dominante eicel, worden afgebroken en door je lichaam opgenomen.
Bij European Sperm Bank willen we toekomstige ouders helpen een weloverwogen keuze te maken over vruchtbaarheidsbehandelingen en de reis naar ouderschap. Als je klaar bent om de volgende stappen in je traject te zetten, zijn onze gidsen een goede plek om meer informatie te vinden.